Een paspoort voor elke soort

Afbeelding 1 van 1

Fint

Alosa fallax

maximaal 60 cm
maximaal 1,5 kilo
ongeveer 12 jaar
dierlijk plankton en vislarven

Levenscyclus

De haringachtige fint leeft in scholen en ook de Waddenzee is één van zijn leefgebieden. In mei trekt de fint naar brakke estuaria en riviermondingen om te paaien. In het Nederlandse deel van de Waddenzee lijkt dit zich te beperken tot de brakke delen van het Eems-Dollard estuarium. Het paaien vindt plaats aan de oppervlakte met veel herrie van opspattend water. Het vrouwtje legt ongeveer 200.000 eitjes die naar de bodem zinken en na twee tot acht dagen uitkomen. Na het paaien trekken de volwassen finten weer terug naar de Waddenzee. De jongen blijven in het estuarium tot ze ongeveer vijf centimeter zijn. Door handig gebruik te maken van het getij, zorgt de jonge fint ervoor dat hij niet naar de zee spoelt.  Tijdens eb zoekt hij de bodem op om de sterke rivierstroom te vermijden. Tijdens vloed vertraagt de rivierstroom en kan de larve hoger in de waterkolom naar voedsel zoeken. Na een jaar trekt de jonge fint naar de Waddenzee en na drie tot vier jaar is hij bij een lengte van 30 tot 40 centimeter geslachtsrijp.

Bijzonderheden

De fint is naaste familie van de elft. Omdat de fint en de elft in sommige gevallen dezelfde paaigebieden kennen, is het zeer waarschijnlijk dat er kruisingen van beide soorten voorkomen.

©Bron van de afbeeldingen: 1. Sportvisserij Nederland

Aanwezigheid in de Waddenzee

Aantal finten per vangdag in de afgelopen 50 jaar: