Een paspoort voor elke soort

Afbeelding 1 van 2

Kabeljauw

Gadus morhua

maximaal 150 cm
maximaal 40 kilo
tot 25 jaar
hoofdzakelijk kreeftachtigen, wormen, weekdieren en vis

Levenscyclus

De kabeljauw is wijd verspreid en komt onder andere in de Noordzee voor, waar hij overdag in scholen leeft en zich ’s nachts meer verspreidt om te foerageren. De kabeljauw gebruikt de Waddenzee als kinderkamer, de jonge dieren zoeken de voedselrijke Waddenzee op. De kabeljauw paait tussen januari en april op de bodem van de zee. Het vrouwtje legt 500 eitjes per gram lichaamsgewicht, dit kan dus bij grote kabeljauwen oplopen tot miljoenen eitjes. De eitjes zweven omhoog naar het oppervlaktewater, waar ze na twee tot vier weken uitkomen. De larven zijn dan vijf millimeter lang en voeden zich met plankton. Na drie tot vijf maanden dalen ze bij een lengte van drie tot zes centimeter naar de zeebodem. Een jonge kabeljauw wordt een ‘gul’ genoemd. Drie tot vier jaar later is de kabeljauw ongeveer 50 centimeter lang en wordt hij geslachtsrijp.

Bijzonderheden

De kabeljauw maakt bromgeluiden als hij agressief is of paait. Zo kan hij zijn soortgenoten herkennen.
De kabeljauw heeft een kindraad, die hij gebruikt om op de bodem van de zee naar voedsel te zoeken.

©Bron van de afbeeldingen: 1. Sportvisserij Nederland,  2. www.eol.org
Filmpje: Stichting natuurbeelden

Aanwezigheid in de Waddenzee

Aantal vissen per vangdag in de afgelopen 50 jaar: