Een paspoort voor elke soort

Afbeelding 1 van 2

Zalm

Salmo salar

maximaal 150 cm
maximaal 46 kilo
tot 10 jaar
voornamelijk kreeftachtigen en vis

Levenscyclus

De zalm leeft solitair in de oceanen. Van juni tot november trekt hij vanuit zee in scholen de rivieren op om zich voort te planten. In deze periode is hij ook in kleine aantallen te vinden in de Waddenzee. In december vindt het paaien plaats in de zoete delen van de rivier. Het vrouwtje maakt een kuil door met haar staart heen en weer te slaan en legt hier zo’n 100 eitjes in. Het mannetje bevrucht de eitjes en het vrouwtje maakt opnieuw een nest. Zo legt een vrouwtje gedurende één tot twee weken in totaal 8.000 tot 25.000 eitjes. De zalm is vaak uitgeput na de lange tocht van soms duizenden kilometers naar de paaiplaats en velen sterven na het paaien. Zalmen die nog voldoende energie hebben, trekken weer richting zee. In april en mei komen de larven uit. Ze zijn ongeveer 20 millimeter lang en hebben een grote dooierzak waar ze de eerste maand van kunnen leven. Daarna voedt de larve zich met insecten en kleine kreeftachtigen. Na één tot twee jaar trekt de jonge zalm  bij een lengte van 10 tot 20 centimeter naar zee. Hier verblijft hij een aantal jaren om zich te voeden en te groeien. Vervolgens weet de zalm op verbazingwekkende wijze terug te keren naar zijn exacte geboorteplek om daar zelf te paaien.

Bijzonderheden

De zalm is naaste familie van de zeeforel. Omdat de paaigebieden van de zalm en de zeeforel kunnen overlappen, komen er kruisingen van beide soorten voor. Deze hybride (zalmforel) is vruchtbaar en kan terugkruisen met de zalm of de zeeforel.
De roze kleur van het vlees dankt de zalm aan het eten van garnalen.

©Bron van de afbeeldingen: 1. Sportvisserij Nederland,  2. www.eol.org

Aanwezigheid in de Waddenzee

Aantal zalmen per vangdag in de afgelopen 50 jaar: